VGCt-Kids-Separatieangst-1920x500

Cognitieve gedragstherapie bij verlatingsangst

Verlatingsangst

VGCt-Kids-Separatieangst-400x200

Bij verlatingsangst zijn kinderen erg bang om gescheiden te worden van een persoon waaraan het gehecht is, meestal van een ouder. Vaak omdat ze bang zijn dat er met henzelf of jou iets naars gebeurt wanneer ze gescheiden zijn. Verlatingsangst is bij jonge kinderen tot anderhalf jaar normaal. Vaak is een kind dan eenkennig. Pas als de verlatingsangst niet meer bij de leeftijd hoort en buiten proporties is, is er sprake van een probleem. Verlatingsangst wordt ook wel separatieangst of scheidingsangst genoemd. Separatieangst is de officiële term.

Hoe herken je verlatingsangst bij je kind?

Je kind:

  • raakt van streek bij (de gedachte aan) de scheiding van de ander
  • weigert of heeft veel moeite om weg te gaan bij de ander
  • is erg bezorgd over de ander
  • klaagt vaak over buikpijn, hoofpijn of andere klachten wanneer er sprake is van (verwachte) scheiding van de ander
  • heeft nachtmerries over gescheiden zijn
Hoe ontstaat verlatingsangst?

Zoals bij de meeste psychische klachten is er geen specifieke oorzaak voor aan te wijzen. Soms zijn kinderen met separatieangst niet veilig gehecht. Bijvoorbeeld omdat je als ouder niet of beperkt aanwezig was. Of omdat je niet kon zorgen voor je kind (bijv. door lange ziekenhuisopnames van het kind of jezelf). Ook een schokkende ervaring kan zorgen voor verlatingsangst. Bijvoorbeeld wanneer je kind te maken heeft gehad met het overlijden van een ouder of een scheiding tussen beide ouders.

Als je kind verlatingsangst heeft, zal het proberen afscheid te voorkomen. Dat noemen we vermijding. Je kind spreekt bijvoorbeeld niet met andere kinderen af. Of je kind volgt je door het hele huis of wil niet dat er oppas komt. Dat is een begrijpelijke reactie. Want het geeft op korte termijn ontspanning en rust. Maar op de lange termijn is dit vermijdingsgedrag schadelijk. Het zorgt er namelijk voor dat de angst blijft bestaan en zelfs kan toenemen. Je kind krijgt namelijk geen kans om te ontdekken dat er niet gebeurt waarvoor het bang is. Bijvoorbeeld dat jij niet zomaar verdwijnt als hij of zij op school zit. Of dat ze zelf niet zomaar ontvoerd worden.

Bij het ontstaan en blijven bestaan van angst zijn ook gedachten belangrijk. Angst zorgt er namelijk voor dat je kind het gevaar groter inschat dan dit echt is. Je kind denkt bijvoorbeeld dat jij onderweg naar werk een auto-ongeluk krijgt. Terwijl de kans daarop maar heel klein is.

Samen met het vermijden van moeilijke situaties kunnen de gedachten ervoor zorgen dat je kind in een negatieve spiraal terechtkomt. Uiteindelijk kan die angst zo erg worden dat er verlatingsangst ontstaat.

Verlatingsangst komt bij kinderen redelijk vaak voor. Ongeveer vier op de honderd kinderen krijgt te maken met verlatingsangst.

Wanneer heeft je kind hulp nodig?

Weigert jouw kind in jouw afwezigheid ergens heen te gaan? Wil het continu bij jou zijn? Heeft het nachtmerries dat jou iets overkomt? Dan heeft je kind mogelijk verlatingsangst. Je kind heeft hulp nodig als zulke angsten zijn of haar normale, dagelijkse bezigheden belemmeren. Zoals naar school gaan of afspreken.

Twijfel je of je kind hulp nodig heeft? Bespreek het met je huisarts.

Cognitieve gedragstherapie werkt goed

Cognitieve gedragstherapie (cgt) is een goede behandeling bij angst. Uit onderzoek blijkt dat cgt effectief is bij angststoornissen. Daarom is cgt de eerste keus in de officiële richtlijnen voor de behandeling van angstklachten. Ongeveer drie op de vijf kinderen met angst hebben baat bij cgt. Dit verschilt per angststoornis. Wanneer de behandeling niet voldoende aanslaat, wordt dit soms ondersteund met medicatie.

Wil je zeker zijn van een goede cgt-behandeling? Ga dan naar een behandelaar die ingeschreven is bij de VGCt. Dan krijg je een therapeut die goed opgeleid en nageschoold is. Vind een cognitief gedragstherapeut VGCt®.

Hoe gaat cgt bij verlatingsangst?

Het gedrag en de gedachten van je kind houden de angst in stand. Tijdens de therapie gaat je kind actief werken aan het veranderen daarvan. Ook belangrijk bij cgt is dat je leert door dingen te ervaren. Dat alles gebeurt stap voor stap. De therapeut is de angst- en cgt-expert. Je kind is de expert over zichzelf. Cgt is dan ook een actieve samenwerking tussen beiden. Soms is het nodig dat je als ouder aansluit bij de behandeling van je kind, bijvoorbeeld bij het maken van een stappenplan. De therapeut zal dit dan met je bespreken.

Samen met de therapeut gaat je kind oefeningen doen met de situaties die het spannend vindt. Dit heet exposure. Je kind leert bijvoorbeeld om kort zonder jou te zijn. Hierdoor leert je kind dat zo’n situatie niet zo vreselijk is als het dacht. Dat jou als ouder niets overkomt. En dat je weer terugkomt. Je kind merkt dus dat de vreselijke dingen die het had bedacht niet gebeuren. Hoe vaker je kind oefent, hoe meer de angst afneemt. Je kind krijgt tijdens de behandeling soms ook oefeningen voor ontspanning en ademhaling. Hierdoor krijgt het meer controle over de angstige gevoelens.

Daarnaast gaat je kind aan de slag met de manier van denken die hoort bij angst. Zijn de gedachten reëel? Word je echt ontvoerd als je niet bij je moeder bent? En helpen de gedachten je kind, of juist niet? Met de therapeut onderzoekt je kind welke gedachten niet kloppen en welke gedachten niet helpen. Daarna gaat je kind deze gedachten zo nodig wijzigen.

Je kind gaat tijdens cgt dus samen actief aan de slag met zijn of haar gedrag en gedachten. Daardoor doorbreekt het de negatieve spiraal van gedachten, gevoelens en gedrag. Bedenk wel dat het moed vergt om datgene weer te gaan doen dat je kind het liefst vermijdt. Vaak neemt daarom de angst bij je kind in het begin toe. Maar je zult merken dat die angst langzaam afneemt na een aantal sessies

De behandeling duurt meestal 12 tot 16 weken. Hoeveel cgt er precies nodig is, hangt af van de ernst van de klachten. Ook gaat je kind in het dagelijkse leven oefenen. De belangrijkste verandering vindt buiten de spreekkamer plaats.

Cgt is de eerste aangewezen behandeling voor angstklachten bij kinderen. Wanneer de behandeling niet voldoende aanslaat, wordt dit soms ondersteund met medicatie.

Vind een cognitief gedragstherapeut VGCt®